De Toilet of het Toilet? Voor deze vraag had je ook even De Van Dale kunnen raadplegen. Maar nu je er toch bent zal ik je gelijk antwoord geven op de vraag wat nou juist is, de Toilet of het Toilet. “Het toilet” is juist.
toi·let [twaalet] het; o 1 het zich kleden: zijn ~ maken zich (met zorg) kleden, kappen, opmaken enz. 2 -ten kleding (van dames) 3 -ten vertrek waar men zijn behoeften kan doen; wc













